Wat is kunstmatige intelligentie?

Wat houdt denken in?

We zien hier een eenvoudige rekensom. Iedereen kent de uitkomst. Maar er is een tijd geweest dat je die uitkomst niet kende namelijk toen je nog heel jong was. Op school moest je de tafels uit je hoofd leren. 

Wat leert dit eenvoudige voorbeeld:
1. invoer (Engels: input): wat je moet uitrekenen moet eerst ingevoerd worden. Je ogen zien de som, herkennen de cijfers en het maalteken (X) en op grond van wat je ziet, weet je dat je het antwoord moet geven. We spreken hier van ‘de invoer of input van de gegevens’;

2. denken: in de hersenen wordt deze eenvoudige berekening uitgevoerd. Om te komen van opgave naar uitkomst is dus denkwerk nodig;

3. uitvoer: vervolgens noem je het antwoord op. Je denkt daar niet bij na, maar ook dit is een ingewikkeld proces. De stembanden en de mond moeten op de juiste manier worden aangestuurd om je antwoord te kunnen verstaan.

Van ‘kunstmatige intelligentie’ is sprake als het menselijke denkwerk wordt overgenomen. Denken is synoniem voor intelligentie en kunstmatige intelligentie is intelligentie die in een computer is ondergebracht.

Nog een voorbeeld


Hier zie je de bekende kubus die is genoemd naar de persoon die deze kubus heeft uitgevonden, de Hongaar Ernö Rubik. Om de puzzel op te lossen, is het volgende nodig:

1: invoer: je moet de vlakjes zien (= input);
2: denken: je moet bedenken hoe je de schijven moet draaien;
3: uitvoer: het gaat dan om het feitelijk draaien van de schijven, dat doe je met je handen (= output)

Het is best een ingewikkelde puzzel om de schijven van de kubus zo te draaien dat elk vlak van de kubus uiteindelijk een gelijke kleur heeft.

Dat dit ook iets is dat met kunstmatige intelligentie gedaan kan worden, illustreert de volgende video:

We zien hier hoe met behulp van een computer en een aantal grijparmen de puzzel razendsnel (in een fractie van een seconde) wordt opgelost.
Via een camera krijgt de computer te zien wat de actuele toestand is.
Je ziet eerst hoe snel het in werkelijkheid gaat en daarna zie je de vertraagde beelden.

Conclusies


Computers kunnen tegenwoordig heel goed bij dit soort problemen worden ingezet. Een ander bijna klassiek voorbeeld is schaken. Er zijn computerprogramma’s geschreven waarmee je heel goed kunt schaken. Er zijn zelfs programma’s die het van de wereldkampioen winnen! Zo’n programma is in feite ‘het vastleggen hoe het denkwerk in de computer moet verlopen’. Die eerste programma’s zijn opgesteld door mensen die heel goed kunnen schaken en die vervolgens hebben geprobeerd om hun kennis zo goed mogelijk in die programma’s vast te leggen. Die aanpak ligt natuurlijk voor de hand.

Alle eerste programma’s voor het toepassen van kunstmatige intelligentie zijn gemaakt door programmeurs die dat denkwerk zo goed mogelijk hebben nagebootst. Straks zullen we zien dat het ook anders kan en dat de gevolgen van die andere aanpak erg groot zijn.

Computerschaak is een voorbeeld van kunstmatige intelligentie dat iedereen direct begrijpt.

Opgave

Ken je het spelletje boter, kaas en eieren? Eigenlijk is dat niet zo’n moeilijk spel.
Zou je in een aantal regels kunnen opstellen wat voor zet je zou kunnen doen?
Als je dat kunt, kun je ook zeggen dat je al een beetje verstand hebt van programmeren en kunstmatige intelligentie!
Programmeren is niets anders dan een serie instructies opstellen waarmee wordt aangegeven wat de computer moet doen.
En als de computer het denkwerk overneemt dat jij eerst deed, spreek je van kunstmatige intelligentie.

Er zijn veel situaties waarbij je niet in de gaten hebt hoe belangrijk het toepassen van kunstmatige intelligentie is

Natuurlijk zal niet iedere senior een autofabriek kunnen bezoeken. Maar als dat wel het geval zou zijn, zou men versteld staan van wat er allemaal al automatisch gebeurt. Je ziet een lopende band met allerlei robotarmen. Zo wordt de auto door robots opgebouwd. Alles wordt gestuurd door computers. Die computers zijn uitgerust met ‘ogen’ om te zien of alles goed gaat. En als er door welke omstandigheden dan ook iets mis gaat, weten ze ook wat er dan moet gebeuren.

Vaak denken we bij het woord robot aan een robot die er als een mens uitziet. We spreken dan van een humanoïde robot. Maar de meeste robots zien er niet zo uit. Ze lijken meer op de robots die we in een autofabriek zien.

Tenslotte nog een impressie uit de fabriek van Toyota.